‘Zion, landen tussen engelen en poelen van smaragd’

Onze laatste dag starten we later dan gewoonlijk. Bij het dagelijks in- en uitpakken van onze spullen is pijnlijk duidelijk geworden dat we onmogelijk alles in onze twee koffers krijgen om terug naar huis te vliegen. Dus trekken we eerst naar de enige sportwinkel die Springdale rijk is om een extra tas aan te schaffen. Het wordt een schandalig dure sporttas van een gerenommeerd vrije tijds merk. Er was een tijd dat dit merk als een beetje marginaal werd beschouwd, maar sinds ze ecologisch verantwoorde producten op de markt brengen van gerecycleerde materialen zitten ze in de lift en staan ze mee aan de top.

Knap staaltje van zakelijk inzicht en marketing, denk ik dan en vermits er geen andere keuze is, telt de zoon de nodige centjes neer. De tas zal ongetwijfeld ook thuis nog van pas komen. De morgen is al halverwege wanneer we de shuttlebus naar Zion National Park nemen. Dit park is haast niet doenbaar met de auto. De parkeerplaatsen zijn beperkt en er wordt gesleept wanneer er wagens zijn die fout of te lang geparkeerd staan. De panoramische tour is trouwens enkel open voor de bussen. Alles om auto’s zo veel mogelijk te weren.

We hebben geluk dat we onze wagen op de parking van het hotel mogen laten staan tot 18 u, want de parkeerplaatsen in Springdale zijn ook dun gezaaid en verschrikkelijk duur. Toerisme is “booming business” en dat weten ze zelfs in een klein stadje als dit. Amerikanen zijn en blijven boven alles zakenmensen. We hadden gisteren al een eerste indruk van Zion, maar bij het binnenrijden valt onze mond open. Het landschap is niet te vergelijken met de woestijn en de canyons van de vorige dagen. De rotsformaties die ons omringen zijn torenhoog en, ondanks de droogte die ook hier toegeslagen heeft, is er overal groen. Ooit waren dit zandduinen op de bodem van een zee die bloot kwamen te liggen toen de zee zich terugtrok.

De Virgin rivier die door het park stroomt wordt in de lente gevoed door het smeltwater uit de bergen en verandert daarbij in een kolkende watermassa. Water dat door zijn vernietigende kracht rotsen meesleept en voor verwoesting zorgt. Water dat, zoals we nu al weten, ook levengevend is en dit park in een paradijs omtovert. In het Visitor Center vertelt men ons over de Narrows, een wandeling aan het einde van het park met de nodige risico’s die dwars door de rivier loopt en waar men speciaal waterdicht schoeisel voor moet huren. Er is concreet gevaar voor uitschuiven, onderkoeling en onverwachte overstromingen. Veiligheid is hier prioritair want er verloren al mensen het leven. We leren ook over Angels Landing, een berg van 1765 m hoog, waarvan de klim een niet te onderschatten uitdaging is.

Toen de mormoonse pioniers hier voor het eerst toekwamen waren ze zo overweldigd door de natuurpracht dat ze dachten dat ze in de tempel van Zion terecht gekomen waren. Ze gaven religieuze namen aan de rotsen en zo kreeg ook Angels Landing, “ de Landing der Engelen” zijn naam. Ze waren er namelijk van overtuigd dat nooit een sterveling erin zou slagen deze steile berg te beklimmen en dat enkel engelen van bovenuit op de top zouden kunnen landen. Ondertussen is men erin geslaagd een 4 kilometer lang pad aan te leggen en hebben vele toeristen zich aan de klim gewaagd om even tussen de engelen te vertoeven, maar het blijft pittig en niet zonder gevaar. We hebben echter geen tijd om deze tochten te maken. Alleen voor de Narrows wordt al een dag uitgetrokken. Het hart van de zoon bloedt, vooral wanneer we vanuit de bus kleine, menselijke stippen tegen de rotswanden omhoog zien klauteren. Wat had hij graag bovenop de top van de Landing gestaan of de tocht door de rivier gewaagd. Er worden al plannen gesmeed om terug te komen want Zion verdient meer dan een paar uur van onze tijd. Dit is een park met zoveel uitdagingen dat men er dagen kan doorbrengen.

We nemen de bus tot aan de Narrows en wandelen er het gemakkelijke Riverside pad af. De zoon kan het niet laten om aan het einde toch even een stukje de rivier in te waden, maar al snel blijkt dat er zonder aangepaste kledij en schoeisel geen beginnen aan is. Ik zie de teleurstelling op zijn gezicht nu het avontuur zo dichtbij is en toch zo onbereikbaar. Volgende keer zegt hij, want als we enigszins kunnen, komt die er zeker. We nemen dan de bus maar terug tot aan Zion Lodge. Vandaar vertrekken er nog een aantal makkelijkere wandeling maar eerst moeten we de innerlijke mens versterken. In het enige restaurant is het gebruikelijke fastfood te verkrijgen en daar hebben we nu beiden toch wel een beetje genoeg van. Maar aangezien er geen andere keuze is, schuiven we mee aan om onze hamburgers te bestellen. De tafeltjes buiten zitten overvol en we zijn blij wanneer enkele mensen van middelbare leeftijd teken doen dat ze weggaan en dat we hun plaats mogen innemen. We bedanken hen uitgebreid en kunnen natuurlijk de gebruikelijke vraag “Where you guys from?” niet ontwijken. Wanneer we Antwerp, Belgium antwoorden, kijkt één van de mannen ons aan en zegt: “Antwerp, the diamond capital of the world.” Hij zit in de diamant business en kent Antwerpen als diamanthoofdstad. Volgens hem een stad om fier op te zijn. We kunnen hem alleen maar volmondig gelijk geven.

Terwijl we nog tegen elkaar aan het zeggen zijn hoe wonderlijk het is dat mensen hier Antwerpen kennen, vraagt een Duits echtpaar op leeftijd of ze bij ons mogen aanschuiven. Er is nergens anders plaats en natuurlijk zeggen we toe. De man is een spraakwaterval en vertelt honderduit over hun reis. Ze zijn hier met een bus met gepensioneerden en het programma is loodzwaar. Vandaag hebben ze al Bryce en Zion gedaan, op één dag, en straks moeten ze nog, net als wij, naar Las Vegas. Ze hebben al heel de wereld gezien, maar dit doen ze nooit meer en hij benadrukt hoe gelukkig wij zijn dat we zelf met de auto reizen. Ook hij kent Antwerpen, volgens hem de grootste en mooiste haven van Europa. Het klopt niet helemaal, maar ons hart zwelt toch weer een beetje van trots.

Na het eten wandelen we nog het Lower Emerald Trail af. We hadden graag aansluitend Upper Emerald Trail gedaan, maar dit is afgesloten wegens gevaar op vallende rotsen. We zagen onderweg vanop de bus een rotsblok die eerder naar beneden kwam en geloof me, daar wil je op dat moment niet onder staan. De wandeling is makkelijk maar prachtig met rotsen en waterpartijen of “poelen van smaragd”. We moeten dwars door een waterval en zien onderweg wilde herten grazen. De dieren zijn duidelijk gewoon aan mensen en eten onverstoorbaar verder. Twee jonge mannen, type “kapitein van de voetbalploeg”, willen toch eens proberen of de eekhoorns wel echt zo gevaarlijk zijn als overal op de vele waarschuwingsborden staat. Ze plagen een diertje en één van hen moet het met een flinke knap bekopen. Hij trekt zijn hand weg en kijkt vol ongeloof naar de wonde. Dat wordt een spuit tegen hondsdolheid denk ik stilletjes, en ja, ik vind dat hij het verdiende. Veel te vroeg naar onze zin, keren we met pijn in ons hart terug naar onze auto in Springdale. We hebben nog een trip naar Las Vegas voor de boeg waar we morgen in alle vroegte het vliegtuig terug naar huis zullen nemen.

Het was een prachtige reis vol wonderen die ons hart en onze geest opende. We zijn vooral blij dat jullie met ons mee wilden reizen de afgelopen weken en we kunnen alleen maar hopen dat onze woorden en onze foto’s ook bij jullie de reismicrobe wakker maakten. In ons hoofd rijpen er al plannen voor een volgende tocht, maar eerst zal er gewerkt en gespaard moeten worden. Tot dan is het nagenieten en dromen. Het is ons wel duidelijk, niet alle dromen zijn bedrog en soms, heel soms, worden dromen waar.

De liefhebbers van de foto’s kunnen altijd een kijkje nemen op Instagram waar @aboutacertainsam de mooiste voor u post. Ondertussen: “tot in den draai” zoals wij in Antwerpen plachten te zeggen, of misschien wel “tot in de States”.

tekst: Tris, foto’s: aboutacertainsam

DELEN
Vorig artikelLiberale Vrouwen zoeken jonge aanwinsten
Volgend artikelBike Inn heeft jong en ambitieus wielerteam
De mens achter het nieuws. Ludo zette 39 jaar geleden zijn eerste stappen bij Dagblad Het Volk, bouwde mee de berichtenkrant van TV Kempen & RTV uit en maakte de site van ThalsFM groot. Nu is hij hoofdredacteur.